Ik keek uit naar deze dag; vandaag ga ik de overstap maken binnen een VSO school van een VMBO klas naar een beroepsklas. Dat betekent behalve andere vakken (uiteraard) ook elf nieuwe leerlingen en evenzoveel uitdagingen. De dag gaat als in een waas voorbij. Ik ren, ik vlieg, ik observeer, ik corrigeer, ik complimenteer, ik werk me in, ik zoek uit, ik zoek op, ik vraag na, ik regel …

En er valt me voornamelijk √©√©n leerling op. Priscilla zit rechts achteraan met haar armen over elkaar en een norse uitdrukking op haar gezicht. Op het moment dat ik de aandacht vraag ‚Äėsochtends om mezelf voor te stellen en het even te hebben over de klassenregels, praat ze er volledig doorheen. In eerste instantie maakt dit me onzeker. Moet ik meteen corrigeren, nog voordat ik de regels duidelijk heb gemaakt? Omdat de andere leerlingen Priscilla‚Äôs gedrag echter negeren, besluit ik dat deze eerste keer ook te doen.

En dan komt het: bij elke nieuwe regel die ik met de leerling bespreek roept ze keihard: ‚Äúik luister niet naar je‚ÄĚ, ‚Äúik maak zelf wel uit wat ik doe‚ÄĚ, dat doe ik dus echt niet‚ÄĚ, ‚Äúdat lukt je nooit om hier in de klas voor elkaar te krijgen‚ÄĚ en nog meer opbeurende commentaren.

Inwendig moet ik lachen. Door dit exact getimede commentaar hoor ik heel duidelijk dat ze dus echt wel goed aan het opletten is. Maar onze band is nog fragiel. Kan ik haar ten overstaan van de klas laten merken dat ik dit door heb? Wat is het lastig om mijn gedrag goed af te stemmen op dat van haar!

De rest van de dag zit ze heel rustig op haar plek te werken. En ze houdt zich ook nog eens aan alle regels. Aan het eind van de dag loop ik naar haar toe. ‚ÄúIk wil je graag een compliment geven voor vandaag‚ÄĚ, zo begin ik het gesprek. En ik vertel haar vervolgens wat ik vind dat ze allemaal goed heeft gedaan.

Ze kijkt me aan, haar gedurende de dag zo ontspannen gezicht vertoont weer een zweem van verwijdering en haar blik gaat dwars door me heen. ‚Äúja, alsof mij dat iets uitmaakt‚Ķ‚ÄĚ volgt haar antwoord op bitse toon. Haar afwijzing van het compliment na het provocerende gedrag in de ochtend raakt me opnieuw en maakt me wederom onzeker. Het liefst gooi ik de luiken dicht en ga het contact uit de weg.

Maar in wezen is het een uitnodiging. Haar gedrag leert me om in tijden van angst ‚Äď en afwijzing ‚Äď voor verbinding te kiezen, mezelf (en mijn eigen gevoeligheid) in te brengen en de hare te accepteren. Het is een uitnodiging om mijn hart open te houden als zij zo bang is dat ze daardoor dat van haarzelf dicht gooit.

En hoewel het ongetwijfeld een lange weg is die we dat jaar samen gaan afleggen ben ik dankbaar dat ik deze met haar mag maken. Omdat ik weet dat ik er waarschijnlijk nog veel meer van ga leren dan zij…